Wetenschappelijk onderzoek toont aan dat mensen 90% van wat ze leren door ervaring, in de praktijk zullen toepassen. Ervarend leren neemt belemmeringen als ‘ik durf niet’, ‘ik kan niet’ of ‘ik wil niet’ weg en overtuigt de deelnemer van zijn eigen kwaliteiten. Een trainingsacteur stelt zich beschikbaar als levend oefenmateriaal tijdens het ervarend leren. Hoe? Trainingsacteren is een vak! Een professionele trainingsacteur heeft specifieke vaardigheden en inzichten.

In samenspel met jouw kwaliteiten als trainer / coach vergroten deze 7 peilers het rendement van je training.

1: Geloofwaardig spel
Een trainingsacteur zet natuurgetrouw spel neer.
In sommige trainingen worden deelnemers ingezet om tegenspel te bieden in de oefening.  Deelnemers zijn veelal niet gewend om te handelen vanuit een ander perspectief dan het eigen. Een trainingsacteur is hiervoor opgeleid. Een trainingsacteur gebruikt nooit zijn eigen referentiekader, maar adopteert moeiteloos de motieven van de rol. Vanuit deze peilers reageert de trainingsacteur op de deelnemer.

2: Benaderend spel
Een trainingsacteur kan de rol uitvragen en alle kenmerken snel en geloofwaardig neerzetten.
In trainingen waar het tegenspel bestaat uit het spelen van een specifieke persoon is benaderend spel belangrijk. Denk hierbij aan deelnemers die willen dat medewerker Jan, manager Ahmed of moeder Elise worden neergezet. Niet alleen karaktereigenschappen, maar ook non-verbale communicatie, beweging of specifieke zinnen van deze persoon zijn hierbij van belang. Een trainingsacteur adopteert deze kenmerken in korte tijd en kan geloofwaardig de rol neerzetten.

3: Interactief spel
Een trainingsacteur herkent gedrag van de deelnemer en reageert hier altijd op.
Tijdens de oefening vertoont de deelnemer gedrag. Een trainingsacteur herkent en biedt spel naar aanleiding van dit specifieke gedrag. Kortom: de deelnemer beïnvloedt het gedrag van de trainingsacteur. Door het juiste interactieve spel worden niet alleen de verbeterpunten voor de deelnemer merkbaar, maar wordt ook de zo belangrijke succeservaring aan de deelnemer gegeven.

4: Doseren van spel
Een trainingsacteur past de intensiteit van het spel aan op iedere deelnemer.
Iedere deelnemer heeft een eigen beleving en grens. Een trainingsacteur peilt waar de grens ligt en zoekt deze, afhankelijk van de opdracht, juist wel of niet op. Een voorbeeld ter verduidelijking: bij een oefening gericht op de STAR methodiek tijdens een sollicitatietraining zal een assertieve sollicitant niet de overhand moeten nemen. Het doel van de training is immers om de STAR methodiek aan te leren, niet om moeilijk gedrag van sollicitanten te beïnvloeden. Tijdens een training omgaan met conflicten voor parkeercontroleurs is het juist wel de bedoeling om tegen de grens of net over de grens van de deelnemer te gaan. Vaak wordt daarbij niet meteen de hoogste dosis ingezet. Er gaat een opbouw in stappen aan vooraf, voordat de grens wordt geraakt of gepasseerd. Een trainingsacteur weet deze opbouw veilig en realistisch neer te zetten.

5: Effectieve feedback
Een trainingsacteur geeft effectieve feedback vanuit de rol.
Tijdens het geloofwaardig neerzetten van de rol onthoudt de trainingsacteur het concreet waarneembare gedrag van de deelnemer. Het doel is om later terug te koppelen welk gedrag van de deelnemer een gevoel opriep bij de rol dat leidde tot een gevolg in de oefening. De deelnemer leert vaak het meeste van deze feedback.

6: Trainingsdoel en -theorie
Een trainingsacteur gebruikt het doel en de theorie van de training als uitgangspunt.
Doordat een trainingsacteur bekend is met het trainingsdoel, zal hij zijn feedback hierop afstemmen. Alle bijzaken vormen geen input voor feedback, tenzij de trainer hierom vraagt. Een trainingsacteur heeft kennis van de theorie die in de training wordt gebruikt. Hij kan op deze wijze desgewenst ook sturend spelen. Dit is vooral handig als de trainer modellen wil ‘intrainen’. Een slechtnieuwsgesprek kent bijvoorbeeld 5 fasen. Bij het ‘intrainen’ kan de trainingsacteur gericht sturen zodat alle 5 de fasen door de deelnemer behandeld worden.

7: Kennis en ervaring
Een trainingsacteur deelt zijn kennis / ervaring met de trainer.
Trainingsacteurs zijn aanwezig in verschillende trainingen. Daarnaast mag je van een professionele trainingsacteur verwachten dat hij zichzelf ontwikkelt door middel van scholing en intervisie. Daardoor kent de trainingsacteur heel veel werkvormen en energizers en kan hij je adviseren welke werkvorm aansluit op je trainingsdoel en de doelgroep. Je mag een trainingsacteur hiervoor altijd raadplegen zowel voor, tijdens als na de (ontwikkeling van) training.