Betrokkenheid

Ik geloof dat een juiste manier van feedback geven alleen bereikt wordt als je betrokken bent bij de ander.  De drijfveren en keuzes van mensen interesseren mij. Deze oprechte betrokkenheid en interesse straal ik uit. Ik zie dit als de basis van het geven van feedback.

Feedbackvorming

Mijn feedback  is altijd gebaseerd op concrete waarnemingen en zonder oordeel. De feedback die ik geef is  gekoppeld aan de doelstelling van jouw training en, indien van toepassing, de individuele doelstellingen van de deelnemers. Daarmee blijft de focus van de training op het leerdoel.

3 G’s

Ik  geef feedback vanuit de de 3 G’s:

  • Gedrag: welk concreet gedrag vertoont de deelnemer?
    • Bijvoorbeeld: geen oogcontact.
  • Gevoel: welk gevoel roept dit concrete gedrag bij mijn rol op?
    • Bijvoorbeeld: ik voel mij niet gerespecteerd.
  • Gevolg: wat is het gevolg van het gevoel dat de deelnemer mijn rol geeft?
    • Bijvoorbeeld: ik ga niet overwerken.

‘In en uit de rol’ feedback

De meeste feedback wordt ‘uit de rol’ gegeven. Ik zeg dan bijvoorbeeld tegen jouw deelnemer: ‘deze medewerker wil niet overwerken  omdat zij zich niet gerespecteerd voelt. Dit komt omdat je geen oogcontact met haar maakt tijdens het gesprek’. Soms kan het ook handig zijn dat ik ‘in de rol’ feedback geef. Dit betekent dat jij als trainer met de rol een gesprek aangaat. Je kunt dan bijvoorbeeld vragen hoe ik het gesprek ervaar of wat ik van de lichaamstaal van de deelnemer vind. Ik reageer dan op jou in mijn rol. Er is dus geen wisseling tussen de rol en de trainingsacteur.

Feedback ‘in de rol’ wordt vaak als hulpmiddel ingezet om de deelnemer kort  op weg te helpen zonder dat het rollenspel is uitgespeeld. Het kan wel confronterend voor een deelnemer zijn. Daarom is het belangrijk om feedback ‘in de rol’ altijd te combineren met  feedback ‘uit de rol’.  Bijvoorbeeld door eerst feedback ‘uit de rol’ te vragen en bij een tweede poging van het rollenspel pas feedback ‘in de rol’ in te zetten.